Prijswinnaars Verhalenwedstrijd

Verhaal van:
Gabrielle Terpstra,
14 jaar
appie de doezel's wekker ging 7 uur in doezelland was dat etenstijd.
appie's broer muzzie muis werd door appie uit zijn enge doezelbed getrokken.
muzzie, muzzie het is vandaag tijd om de mensen uit de mensenwereld bang te maken!
"maar Appie we moeten nog eten" zij Muzzie.
maar appie was al naar buiten gerend en sloeg de deur dicht.
de zon scheen in doezelland en de doodshoofdvogeltjes floten.
Appie ging naar zijn vriend michel de vuurhond om hem op te halen.
toen hij op de marmeren deur klopte deed zijn vader open.
"wat doe jij hier zo vroeg?" vroeg Michels vader.
" ik kom Michel ophalen, meneer"
"Michel!" riep meneer de doezel. " je vriend Appie is er en hij heeft ook een rare muis mee genomen.
Michel stond voor de deur en liep naar Appie en Muzzie toe.
Kom we gaan" zij hij.
ze vertrokken met zijn 3-en naar het huis van de engste bewoner van doezelland.
'skull het roodogige skelet' ze liepen over een paadje van botjes om bij Skull's deur te komen. De deur was van een witgeverfde steen met een zwart sketet erop getekent.
Skull stond meteen voor de deur toen ze aanbelden.
"Skull het is de dag van bange mensen" zij Appie
" Ja Ap maar moet die muis nou echt mee hij is echt niet eng ofzo"
" tsja, hij is mijn broertje maar hij kan het voor ons allen verpesten, dus dag broertje"
Muzzie rende huilend weg en struikelde over een tak en viel op de met kiezelsteentjes bedekte grond.
Hij hoorde de anderen in de verte lachen en stond op en rende naar huis.
Appie, Michel en Skull gingen op weg om vivienne de vrouwelijke vleermuis op te halen.
Ze liepen de grot in en Vivienne lande opeens voor hun.
"gegroet heren kom op naar mensen wereld"
met zijn 4-en liepen ze naar hun geheime plek in het bos.
Michel pakte een diamant uit zijn zak legde die op een afgehakte boom en zij:
"breng ons naar de mensenwereld, en wel nu"
de grond onder hen verdween en ze vielen naar beneden.
maar ze gingen niet naar mensen wereld.
" goeiendag" een stem diep uit het donken waar ze waren "jullie zijn bij de doezelse rechtbank, jullie krijgen een taakstraf wegens het pesten van Appie's jonge broertje Muzzie.
"maar meneer het spijt me dat ik mijn broertje heb gekwetst ik wiol het graag goed maken"
" oke maar voor straf mogen jullie niet naar mensen wereld"
" dat is onze straf meneer vandaag hebben we geleerd dat buiten sluiten en pesten heel gemeen is tegenover de ander"
het Zwarte verdween en Appie en zijn vrienden waren bij Appie thuis.
"het spijt ons Muzzie" zijden ze.
" oke jongens, het spijt me dat ik niet eng ben hoor" zij Muzzie.
" je bent wel eng hoor wij waren gewoon gemeen tegen je en hebben wel geleerd dat het verkeerd is volgend jaar mag je mee Muz, maar nu gaan we eerst met zijn allen een lekkere koude doezelzap drinken."
" yes!!" riep iedereen.
Ze huppelden met zijn allen door doezelland waar iedereen vrolijk en blij van Appie en zijn vrienden werd.
en ze zouden nooit meer pesten.
Copyright 2011, Kinderlines Uitgeverij, alle rechten voorbehouden.