Ziek


Op een dag zei een van de kippen tegen de haan:
'Waarom moet je nou altijd en eeuwig
's morgens zo vróeg opstaan.'

'Ie-de-re ochtend om víjf uur
die herrie in dat hok.
Blijf toch eens wat langer op stok!'

'Oké,' zei de haan.
'Ik kan wel een keertje overslaan.'

Zo gezegd, zo gedaan.
De volgende ochtend al,
bij het eerste morgenlicht,
hield hij z'n snavel dicht.

Hij vond het wel moeilijk,
het was tegen z'n natuur,
maar hij hield z'n kop.
Uur na uur verstreek:
het blééf rustig
in het hok.

Het werd zes uur,
en het werd zeven uur,
en het werd acht uur,
en het werd negen uur,
en het werd tien uur,
het werd élf uur...

Niet te geloven, toch!
Om twaalf uur sliepen ze nóg!

De boerin kwam er aan
om eieren te rapen;
maar er lag er niet één!
want de kippen
die zaten nog steeds...
Juist, ja...
te slapen.

De boerin wist niet wat ze zag!
Kippen slapen nou eenmaal niet overdag.

De boer kwam erbij en riep:
'Ze zijn ziek!
Ze hebben snot!
Ze hebben griep!
Ze zijn ziek!
HEEL ZIEK!!!'

De dierenarts werd gebeld,
die vond het van de gekke
en was meteen ter plekke.

Razendsnel,
nog vóórdat hij er erg in had,
werd de haan gegrepen
en beklopt
en betast
en geknepen.

De kippen schrokken ervan;
maar ook zij werden
één voor één gegrepen
en net zo beklopt
en betast
en geknepen.

'Ze zijn ernstig ziek,'
zei de dierenarts tegen de boer.
'Hier heb je wat poeders en pillen,
meng ze goed door het voer
en strooi het onmiddellijk uit.
Als het morgen niet over is,
geef ik ze een spuit.'

Daarop pakte hij z'n instrumenten in
en vertrok.

Geschrokken riep de haan:
'Heb je nou je zin?!
We gaan eraan!
WE GAAN ERAAN!!!'

De volgende morgen -
nog vóór het ochtendgloren -
is hij me toch aan 't kraaien gegaan!

Dat was HEEL LANG
en HEEL LUID
en  HEEL VÈR te horen!

 -o-o-o-

Tjiasso

     Picture

Copyright 2011, Kinderlines Uitgeverij, alle rechten voorbehouden.

Delen |

Contact          Adverteren         Links   

Logotr