paardenalles
Wil jij ook een gratis Kinderlines Homepage? Klik hier!
 

Paarden Info 

 

 

   

Het paard bestaat al zo'n 70 miljoen jaar. De paarden van toen hadden een heel ander uiterlijk. Vele oersoorten zijn reeds uitgestorven. Toch heeft de mens het paard veel later leren gebruiken. Het tam maken van deze dieren was een moeilijke taak.
Er bestaan nu ongeveer 200 pony en paardenrassen. Je kan een pony en een paard makkelijk uit elkaar kennen. Een paard is groter dan een pony. De pony heeft kortere benen en de buik is ronder.

Het paard is een nuttig dier. Het wordt / werd gebruikt om: karren te trekken om op het veld te werken en natuurlijk om op te rijden en als vlees

Het is belangrijk dat je geen wapperende kleding aan hebt, zoals een sjaal of een loshangende jas. De paarden kunnen daar van schrikken.
Op het hoofd draag je een cap en rijlaarzen en de rij

Uiteraard heeft een paard ook tanden... Veulens en paarden jonger dan 5 jaar hebben melktanden en kiezen. Vier snijtanden en vier kiezen. Vanaf 6 tot 8 jaar is er het blijvende gebit. Er zitten dan in elke kaak 6 snijtanden en 12 kiezen. Op latere leeftijd laat het paard de onderlip vallen, men geeft dit een leuke benaming, nl een centenbakje. Ook krijgt het kuiltjes boven de ogen met daarin grijze haartjes. De grijzen haren merken we dan ook op in de manen en de staart.
Aan de slijtage van het gebit kan men de ouderdom bepalen.

Een paard is een planteneter.Het eet gras, hooi, haver, stro en af en toe wel eens een appeltje of wortel. Als je een paard eten wil geven, doe je dat door je hand plat te leggen en het paard het rustig te laten opeten. In de wei neemt een paard het gras met zijn lippen beet. Een paard drinkt veel. Gemiddeld zo'n 30 tot 50 l water per dag.

Vele mensen willen paarden aaien. Dit is natuurlijk positief. Toch moet je een paard altijd rustig benaderen. Je moet het paard waarschuwen door het zachtjes aan te spreken of een schouderklopje te geven.

Eerst gaan we flink rossen met de roskam om het grove vuil en de losse haren te verwijderen. De roskam moet je af en toe flink uitkloppen. Begin linksboven aan de hals en werk van daaruit met cirkelvormige bewegingen naar achteren. Roskam vervolgens de de rechterkant op dezelfde manier.Hierna pakken we de harde borstel om het losse vuil te verwijderen en dan wordt nageborsteld met de zachte borstel ardoor de huid gaat glanzen. Vervolgens halen we met de harde borstel het vuil uit de manen. De manenkam wordt alleen gebruikt om de manen uit te dunnen. De staart wordt zo min mogelijk geborsteld. Om zo weinig mogelijk haren uit te trekken, kunnen strootjes e.d. er beter met de hand worden uitgeplukt. Als de staart erg vuil is, kan hij beter met lauw water en groene zeep of speciale paarden-shampoo gewassen worden. De spons is vooral nodig om na het rijden het stof uit de ooghoeken en neusgaten te halen.