2. STUURLIJNEN en HANDVATEN.
Je heb verschillende soorten handvaten en stuurlijnen. Dit is afhankelijk van de vlieger die je hebt. Je hebt speciale vliegers die geschikt zijn voor windkracht 1/2 tot windkracht vijf. Deze vliegers heten indoorvliegers. Ze hebben een dun gevlochten touw.
Andere vliegers, zoals vliegers, die je kunt gebruiken bij windkracht 4 to 6, bestuur je met een normaal draad. Dit draad moet net als al het andere draad gevlochten zijn. Vliegers geschikt voor windkracht 4 tot 6 kun je beste op het strand gebruiken.
Heel veel gevaarlijke stuntvliegers gaan op windkracht 5 tot windkracht 9. Dit zijn vliegers geschikt voor het kite-surfen, buggyrijden en om gewoon ruig te stuntvliegeren, voor het leren of proberen van springen, man-lifting. Het draad van deze vliegers zijn dik en stevig.
Het draad van de stuntvlieger is ook glad. ( dit geld voor alle soorten draden (touwen). De stuntvlieger maakt veel bochten en de lijnen moeten kunnen glijden.
De handgrepen (handvaten) van deze grote, gevaarlijke stuntvliegers zijn anders dan van een gewoon simpel vliegertje. De handvaten zijn stokken met neopreen bekleed ( een soort schuimrubber). Voor een `simpele` stuntvlieger kun je kunststof ringen gebruiken.
|