binkybol
Wil jij ook een Website? Word dan lid van de Kinderlines Club!
1. ONEINDIG.

Jij heb vast weleens op een donkere avond naar de hemel gekeken. Bij helder weer zie je dan duizenden sterren.

Als je geluk hebt, zie je een lichtje langs de hemel schieten.
Dat is een meteoriet, een stuk steen dat door de ruimte vliegt.
De meeste mensen noemen een meteoriet een vallende ster.
Duizend jaren geleden keken mensen ook naar de hemel.


Het heelal betekent: een oneindige ruimte met alles daarin.

Als we erover na gaan denken, vraag je jezelf af: wat is oneindig?
Oneindig is zonder einde.
Maar hoe weten we nu of het heelal oneindig is?

Heeft het heelal een begin?
Wat was er dan voordat het heelal er was?
Hoe is het heelal ontstaan?
Dat zijn een heleboel vragen waar veel geleerden al over nagedacht hebben en waar nog veel heel veel geleerden over zullen nadenken.

Het zijn vragen waar niemand echt een antwoord op heeft.
Het onderzoek naar de oorsprong en evolutie van het heelal heet kosmologie.
Door het onderzoeken van planeten komen we wel steeds meer te weten over het heelal. Veel vragen blijven er natuurlijk over.
HET HEELAL: een werkstuk gemaakt door Binkybol.
2. KIJKEN NAAR STERREN.

Wetenschappers bestuderen al eeuwen de ruimte om ons heen.
De wetenschap, die de sterren, planeten en al het andere in het heelal bestudeert, heet astronomie of sterrenkunde.

Sterrenkunde bestaat al 5000 jaar. Tegenwoordig weten de mensen meer over de ruimte dan vroeger. Dat komt omdat we nu gebruik maken van telescopen. Een telescoop is een soort verrekijker met maar een lens.
Telescopen zijn ongeveer 400 jaar geleden uitgevonden. Voor die tijd keken de mensen met het blote oog naar de sterrenhemel.

Vroeger zagen mensen dingen, die ze zagen als dingen van de goden. Men dacht dat de vormen van groepjes sterren of sterrenbeelden de goden voorstelden.
Ieder volk gaf andere namen aan de sterren. Sterrenbeelden, die wij kennen de Waterman, Vissen, Ram, Tweelingen, Kreeft, Leeuw, Maagd, Weegschaal, Schorpioen, Boogschutter en Steenbok.
De namen komen voornamelijk van de Grieken. De Grieken kenden wel 88 sterrenbeelden. Bij elk sterrenbeeld hadden ze een ander verhaal. De nachtelijke sterrenhemel was dus eigenlijk een groot verhalenboek.


De sterrenbeelden van de oude Grieken worden nog steeds gebruikt in de astronomie en in horoscopen. Er zijn nog veel meer sterrenbeelden, zoals de Grote Beer, Zwaan, Zuiderkruis, Grote hond en Arend.
De sterren in een sterrenbeeld hebben allemaal een vaste plaats ten opzichte van elkaar.
INHOUD:
       1.Oneindig.
       2.Kijken naar sterren.
       3.De ontdekkers van het heelal.
       4.Het zonnestelsel.
       5.De melkweg.
       6.Zwarte gaten.
       7.Het begin en het eind van alles.


 HET HEELAL- INFO
PLANETEN.

Heel lang geleden ontdekten de mensen dat er niet alleen sterren in het heelal waren, maar ook lichtpuntjes, die geen vaste plaats hadden.
Ze zagen dat deze lichtpuntjes bewogen.
De Grieken noemden deze lichtpuntjes planeten.
Planeten betekent zwerver.

Planeten zijn geen sterren, want ze geven licht. Ze worden verlicht door de zon.
Wetenschappers hebben tegenwoordig de beschikking over allerlei apparatuur om de ruimte te bestuderen. Er zijn telescopen op de grond en in de ruimte. Nu is het mogelijk om de mensen de ruimte in te sturen voor onderzoek. Tegenwoordig kun je binnen drie dagen van de aarde naar de maan.
  
Bladeren