atelier72
Wil jij ook een Website? Word dan lid van de Kinderlines Club!

KLEURPOTLODEN.

Je hebt twee soorten kleurpotloden:
Het gewone kleurpotlood.
Het aquarelpotlood.

Een kleurpotlood bestaat uit natuurlijke kleurstoffen, bindmiddelen en porselijnaarde. Dit levert na verwerking dunne zachte stiften op, die in een hout omhulsel zitten. Hoe fijner de kleurstof wordt gemalen, hoe mooier de kleuren zijn.

Kleurpotloden zijn halfdoorzichtig. Deze eigenschap heeft tot gevolg dat er een overvloed aan verwerkingsmogelijkheden bestaan.

Met gewone kleurpotloden kun je het beste op tekenpapier met een middelfijne (medium-grain) oppervlaktestructuur werken. Een dergelijk oppervlak slijpt als het ware het pigment af.

Technieken.
Het aantrekkelijke van het werken met kleurpotlood is de kleurmengingen, dat je laag over laag kunt werken en het laten doorschijnen van onderliggende lagen. Het maakt niet uit of de kleurmengingen uit lijnen of zacht uitgewreven lagen bestaan.
Het versterken van de kleur kan door vervagen, door arceringen en door kruisarceringen. Het mooiste is als je gebruik maak van verschillende kleuren in een vlak. De sterkte van de opgebrachte kleur is afhankelijk van de druk die op het potlood wordt uitgeoefend en van de dichtheid van de kleurlagen.


Afwerking
Je kunt je tekeningen het beste fixeren, door er 2 of 3 hele dunne lagen fixeer op te spuiten. Hiermee voorkom je dat een tekening blijft afgeven.
De tekeningen moet je nooit opgerold bewaren, maar plat.
 

HET AQUARELPOTLOOD.

Het aquarelpotlood is geen kleurpotlood, maar ook geen aquarelverf. Het is een potlood, dat bestaat uit kleurstoffen en vulstoffen, zoals arabische gom en proseleinaarde of in plaats daarvan wateroplosbare kunststoffen bevatten.

Het aquarelpotlood is een veelzijdig tekenmateriaal, wat bedoeld is om er later met water en penseel mooie aquareleffecten in aan te brengen. Het is een materiaal, die zich ook leent voor vlugge schetsen ter plaatse, een uitgewerkte tekening of een werkstuk in gemengde technieken.

Techniek.
Met aquarelpotloden teken je iets op gestructureerd papier. Dit kun je op verschillende manieren doen. Zoals met kloeke strepen met een levendige textuur tot zachte lijntjes, die goed dekken en een egale kleur oplevert. Daarna pak je een met water vochtig gemaakt penseel en er ontstaat een min of meer aquareleffect.

Papier.

Aquarelpotloden hebben een harde punt. Het lijkt dus logisch dat je op gladde, harde ondergrond moet werken. Voor aquareleffecten moet het papier echter elastisch zijn. Tamelijk dik aquarelpapier is daarom beter geschikt. Het beste kun je de gladde of de matte soort pakken. Bij voorkeur een 300 grams vel.

Wil je dat niet, dan kun je ook tekenpapier 160 grams nemen. Wel kun je het beste tekenpapier nemen met een lichte structuur. Zo`n lichte structuur kan een mooie aanvulling zijn op de met potlood in de tekening aangebrachte effecten.

Wat wordt afgeraden?
Om hard en glad tekenpapier te gebruiken. Wanneer je op zo`n oppervlakte gaat tekenen en je drukt bij het arceren wat harder op het papier, dan zul je merken dat op de plaatsen waar je meer druk uitoefend, het resultaat vlekkerig aandoet.

FIXEREN.
Wanneer je een tekening met aquarelpotlood gaat fixeren (dat hoeft niet), dan worden de kleuren nog helderder. Dit komt omdat het aquarelpotlood dan in aanraking komt met een vloeistof. In dit geval fixeer.
Je moet wel zeer voorzichtig zijn en de eerste fixeerlaag er heel zuinig overheen doen. Gebruik je teveel dan gaan de kleuren uitlopen.

ATELIER72 met KLEUR- EN AQUARELPOTLOOD.